Digitale techniek

Hoewel de baan evengoed analoog aangestuurd had kunnen worden is er een bewuste keuze gemaakt om dit digitaal te gaan doen.
De mogelijkheden die tegenwoordig mogelijk zijn met digitale aansturing lijkt geen grenzen te kennen.
Indien je deze keus maakt, moet vrijwel altijd het rollend materieel, en dan met name de locomotieven, aangepast worden.
Dat het aanpassen van het rollend materieel niet altijd nodig is bewijst het DINAMO systeem.
Hierbij is digitale besturing mogelijk, zonder dat de locomotieven aangepast of omgebouwd hoeven te worden.
Toch heb ik hier niet voor gekozen omdat er nogal veel (zelfbouw) elektronica bij komt kijken, en dat is nou niet mijn sterkste kant.
Door het enorme aanbod van verschillende digitale systemen, is het niet eenvoudig om een keuze te maken.
Wel stond voor mij vast dat het DCC protocol ondersteund moest worden.
De keuze voor het DCC systeem is niet alleen het feit dat dit het meest gebruikte systeem is, maar ook dat dit door vrijwel alle fabrikanten wordt ondersteund.
Bovendien zijn er veel verschillende (multiprotocol) centrale's te koop die het DCC ondersteunen en is de keus tussen fabrikanten die een DCC systeem en/of decoders leveren veel groter.
Om in te stappen in de digitale modeltrein wereld heb ik de set VT11.5 van Roco aangeschaft.
Een schitterend treinstel compleet met centrale/handregelaar (MultiMaus) en een booster voor vriendelijke prijs.
Hiermee was de eerste stap naar digitaal rijden gemaakt !!!

Centrale kiezen

Hoewel de eerste stap in het digitaal besturen van de treinen was gemaakt, denk je ook na wat je in de toekomst wil gaan doen.
Na verloop van tijd werd duidelijk dat er gebruik gemaakt zou gaan worden van computer besturing.
Een digitaal systeem moet dan natuurlijk wel die mogelijkheden hebben.
Voor een computer gestuurde baan is het nodig dat er gegevens uitgewisseld kunnen worden tussen de centrale en computer.
Daarnaast moet er ook informatie van de baan "gelezen" kunnen worden om te weten waar zich treinen bevinden.
De standaard MultiMaus en booster die met de set VT11.5 werd geleverd had deze beide voorzieningen niet.
Er waren nu drie opties:
1. Overgaan naar de aanschaf was de XPress-NetLI Interface met s88 aansluiting,
2. Aanschaf van de Roco Pro centrale (10830),
3. Andere centrale aanschaffen met meer mogelijkheden zoals het uitlezen van de baan (s88, loconet of XpressNet).

Toen de mogelijkheid zich voor deed om 2e hans een Uhlenbrock Intellibox IR centrale te kunnen overnemen, was deze keuze snel gemaakt.
Het is een multiprotocol centrale met voldoende mogelijkheden zoals bijvoorbeeld computer interface, s88 en loconet aansluiting.

Als besturingssysteem is er gekozen voor het besturingsprogramma Koploper van Paul Haagsma.
Inmiddels was er een redelijk groot gedeelte van de baan rij technisch klaar en kon er regelmatig proef gereden worden.
Omdat bij computer besturing op een of andere manier een terug melding moet plaatsvinden vanuit de baan, zijn er op verschillende plaatsen terug melders aangebracht.
Bij het testen is regelmatig gebleken dat de centrale spontaan gereset werd.
Na veel pogingen en gehannes met kabels en ontstoringsfilters om de spontane resets op te lossen, is uiteindelijk het probleem opgelost door gebruikt te maken van een loconet interface van RoSoft.
Deze verzorgd de computer verbinding, in plaats van de bestaande seriële communicatie poort op de centrale, via de loconet aansluiting.
de uiteindelijke verbinding is nog steeds serieel, maar niet meer via de standaard poort op de centrale.
Sindsdien zijn er geen spontane resets meer geweest.
Daar naast bleek nu ook dat alle functies van de loc decoder aangeroepen konden worden via het besturingsprogramma koploper.

Standaard zijn dit er 12 bij een Uhlenbrock centrale.
Zeer handig als een geluidsdecoder over 21 functies beschikt.

handregelaar en boosters

Naast het gebruik van de centrale wordt er nog gebruik gemaakt van een losse handregelaar.
Een uitkomst tijdens rangeer werkzaamheden.
Omdat het rangeer gebied en het loc depot best wel een groot gebied gaat worden zijn er onder de baan diverse busboxen van Etecmo geplaatst.
Hiermee kun je eenvoudig de losse handregelaar op een andere plek aansluiten.

De baan is behoorlijk in omvang en kan er veel rijdend materieel op de baan staat (ca 35 lok's en treinstellen).
Hiervoor is de gehele baan in 4 secties opgedeeld, waarbij elke sectie een eigen booster krijgt.
Deze booster's zijn eveneens van het merk Etecmo en leveren elk maximaal 4 Ampére stroom, zijn volledig kortsluitvast en hebben een aansluiting voor een loc- of MultiMaus. (Bij gebruik van een loc- of MultiMaus is geen centrale meer nodig.)
Bij deze booster mag helaas de maus ingang niet gelijktijdig met de aansluiting van de centrale gebruikt worden en kan de MultiMaus niet meer hiervoor gebruikt.
Omdat de IB centrale een eigen booster bevat, wordt deze gebruikt voor de aansturing van de wissels en seinen.

Bekabeling digitale systeem.

Elke sectie heeft een aparte bekabeling, dat wil zeggen, ze hebben een eigen kleurcombinatie.
Alle draden die zijn gebruikt voor de DCC hoofdleidingen zijn 1mm en hebben een lengte van maximaal 8 meter.
Om onderlinge invloeden, invloeden van buiten af en uitstraling te beperken zijn deze hoofdleidingen per paar getwist.
De twisting is ongeveer om de 100mm en is gedaan met behulp van een boormachine (zie hiernaast).
De rails worden om de ca 1 meter aangesloten op deze hoofdleiding.
Vanaf de hoofdleiding naar de rail aansluiting zijn draden gebruikt van 0,5mm.

Om te controleren of de bedrading in orde is, is er op het uiterste punt (op de rails) bewust een sluiting gemaakt.
Door deze sluiting schakelde de centrale direct af en kan de bedrading als "oké" bestempeld worden.

Nieuw systeem.


Ook apparatuur raakt op den duur wat verouderd en is dan aan vervanging toe.
De IB-IR begon wat kuren te vertonen zoals regelaars die niet meer lekker regelde, drukknoppen die steeds harder ingedrukt moesten worden, soms problemen met het programmeren en teruglezen van (loc)decoders etc.
Gezien leeftijd en gebruik is dit natuurlijk niet heel vreemd.
Nu kun je dit soort euvels meestal wel eenvoudig en relatief goedkoop (laten) herstellen, maar ook de (technische) mogelijkheden en beperkingen begon op te spelen.
De onlangs aangeschafte class66 van ESU had bijvoorbeeld meer functies als dat de IB handmatig kon aansturen.
Nu kan dit laatste wel doorgaans door koploper worden geregeld via het LocoNet protocol, maar bij handmatig rijden met de centrale bleven veel van deze mogelijkheden onbenut.
Zelfs na de laatste update van de IB blijft de handmatig besturing van functies beperkt en is het bovendien omslachtig om de functies van F5 t/m F12 aan te roepen.
Daar komt nog bij dat ik nog een 3 tal locmuizen (2 x locmuis II en 1 x multimuis) had die alleen via een converter van Xpressnet naar LocoNet aangesloten konden worden.
Deze was nog niet aanwezig en moest dus nog aangeschaft worden.
Omdat er ook een LocoNet handregelaar (Daisy) gebruikt werd, waren er dus twee verschillende systemen (XpressNet en LocoNet) in gebruik voor de handregelaars.
Beide systemen maken gebruik van dezelfde aansluiting (RJ12) en is dus praktisch gezien niet handig en kan leiden tot fouten met betrekking tot het inpluggen van een handregelaar.
De vergissing om een Locmuis aan te sluiten op LocoNet i.p.v. XpressNet was prominent aanwezig wat tot de nodige problemen kan leiden.
Een draadloze handregelaar behoort ook tot de mogelijkheden, maar is voor een IB een behoorlijke investering (draadloze regelaar + ontvanger).
Bovendien worden de beperkingen met betrekking tot het aanroepen van de functies hiermee ook niet opgelost.
Rede temeer om uit te zien naar iets nieuws.
3 De uiteindelijk keus is gevallen op de zwarte Z21 van Roco/Fleischmann.
Deze centrale ondersteund zowel het DCC als het Motorola protocol, heeft een Loconet en Xpressnet aansluiting en is het mogelijk om met behulp van een app je treinen en wissels met je telefoon of tablet te besturen.
Daarnaast is er voor relatief weinig geldt een draadloze handregelaar beschikbaar, het geen makkelijk is bij het handmatig besturen van de treinen en wissels en kunnen de huidige locmuizen ook gebruikt worden.
Ook het besturingsprogramma Koploper kan gebruikt worden met de Z21 in combinatie met de LocoNet interface (deze werd al gebruikt voor de communicatie tussen PC en centrale).
Het enige wat ik echt miste was een S88 aansluiting voor de terug melding.
Dit is echter simpel op te lossen door gebruik te maken van een HSI interface of een converter van LocoNet naar S88.
Er is gekozen voor deze laatste optie, omdat de kosten voor deze converter erg laag zijn (nog geen €29,00) en er niets in koploper hoeft te worden aangepast.
Hoe dit allemaal is verlopen lees je hierna.


Uitpakken en testen.

Het Z21 pakket bestaat uit een centrale, een router (en voor beide een bijbehorende voedingsadapter) en een RJ45 kabel.
2 Als eerste is de centrale met de router verbonden met de RJ45 kabel en zijn de voedingsadapters aangesloten.
Op een smartphone wordt alvast de app Z21 geïnstalleerd.
Vervolgen verbinden we de Z21 met een stukje test spoor.
Een stukje van ongeveer twee meter volstaat voor een korte test.
Voor de 1e test eerst maar eens de (bedraade) multimuis aangesloten op een X-pressnet aansluiting aan de voorzijde van de Z21 en de zaak ingeschakeld.
De blauwe knop op de Z21 lichte op en op het display van de multimuis verscheen na enkele seconden een locadres.
Na het invoeren van het locadres van de testloc (in dit geval 64) reageerde de loc zoals het hoorde, dus dat functioneerde alvast.
Om te controleren of de router ook verbinding heeft met de Z21, wordt de app op de smartphone opgestart.
Nu zoeken we eerst naar het Z21 netwerk ( de naam van het netwerk begint altijd met Z21) en vervolgens brengen we de verbinding tot stand.
Hiertoe moet wel een wachtwoord worden opgegeven, deze staat vermeld bij "Pin" op een sticker die op de router is aangebracht en is voor elke router anders.
Als de smartphone is verbonden met de Z21 kun je dit zien in het overzicht van netwerkverbindingen als zijnde "Verbonden".
Als deze verbinding niet tot stand is gekomen kan het zijn dat er een verkeerde "Pin" is ingevoerd.
Controleer dan eerst of de juiste "Pin"(wachtwoord) is ingevoerd of doe dit opnieuw.
In de "kale app" staan een aantal locomtieven reeds vermeld maar komen qua adres en model nog niet overeen met de loc die op de baan staat.
Eerst alle vooringeïnstaleerde locs maar eens verwijderd en de test loc met het daarbij behorende adres ingevoerd.
De afbeelding komt later wel en is voor de 1e test niet zo van belang.
Nu met de app de loc besturen en zowaar reageerde de loc op de commando's vanuit de app.
We weten nu dat de Z21 en router goed functioneren, althans de communicatie werkt.

Firmware update.

Voor het correct functioneren van de Z21 is het belangrijk dat de laatste firmware versie wordt geïnstaleerd (firmware is de programmatuur waarmee het systeem functioneerd en bepaald in grote mate het juist functioneren van het apparaat).
Om deze te kunnen installeren is het "Z21_maintenance.exe" programma nodig voor de Z21.
Ook deze wordt gedownload via www.Z21.eu en bevat altijd de laatste versie firmware.
Voor het gebruik van het Z21 maintenenance programma, moeten wel de poorten 21105, 21106 en 34472 worden open gezet bij de firewall en virusscanner.
Deze kun je handmatig aanpassen maar ik heb gewoon de internetverbinding verbroken.
Omdat er verder geen verbinding meer is met het internet, heb ik de firewall en virusscanner tijdelijk even uitgeschakeld.
Om verbinding te maken vanuit de PC naar de Z21 is er een LAN verbinding nodig.
Dit kan op twee manieren tot stand worden gebracht namelijk via een WiFi of een vaste verbinding.
Voor update's e.d. is een vaste verbinding aan te raden omdat een WiFi signaal gestoord kan worden hetgeen het updaten kan onderbreken of verstoren.
In dat geval moet je de procedure herhalen.
Bij een vaste verbinding is er een RJ45 kabel nodig tussen router en de netwerkkaart van de PC of vanuit de Z21 direct naar de netwerkkaart van PC.
Deze laatste methode is wel de meest stabiele omdat dan allerlei factoren worden uitgesloten die problemen kunnen veroorzaken.
Het vereist echter wel een z.g. kruis kabel en een aantal juiste instellingen in het netwerkbeheer van de PC.
Gezien de router en Z21 al kunnen communiceren heb ik de PC met een kabel verbonden met de router (gele aansluiting).
Daarna kwam de verbinding eigenlijk vanzelf tot stand.
De draadloze verbinding zal in de toekomst in hoofdzaak worden gebruikt voor de draadloze multimuis en eventueel een smartphone of tablet.

We starten nu de Z21_mantenenance tool op en krijgen een overzicht scherm.
We klikken nu op "verbinden" en als het goed is hebben we nu verbinding vanuit de PC naar de Z21.
Er verschijnt nu een ander scherm waarin we ook de huidige versie kunnen aflezen.
Vervolgens klikken we op het tabblad "Firmware Update" en daarna op "Actualiseren" om de firmware te updaten naar het hoogste level.

Na het succesvol installeren van de laatste firmware is het systeem eigenlijk klaar voor gebruik.
Voor de zekerheid starten we de boel weer even opnieuw op.

Protocol instellen.


Omdat er gewerkt wordt met zowel DCC als Motorola decoders voor de wissels en seinen moet de Z21 weten welke wissels en seinen met DCC en welke met Motorola moeten worden aangestuurd.
Dit kun je per adres instellen.
Het is even wat werk, maar moet even gebeuren om alles goed te laten functioneren.
Via de app zijn alle wissel en sein adressen op het juiste protocol ingesteld.
Aan de overige instellingen van de Z21 is nog niets veranderd.
Er waren nog wat zaken die geregeld moesten worden voordat de Z21 ingezet kon worden op de huidige baan.

Aansluiten van de boosters.

Aangezien de baan gevoed wordt door een viertal boosters, moesten deze ook aangesloten worden op de Z21.
Aan de achterzijde van de Z21 bevindt zich de aansluiting voor extra boosters.
De aansluiting is echter alleen geschikt voor Roco boosters 10765, 10805, 10806 en 10807.
4 4b
















4c 4d
















Gezien er boosters van Etecmo worden gebruikt die een CDE aansluiting hebben, is er een converter nodig om het signaal van de Z21 om te zetten naar CDE.
Roco heeft zo'n converter in zijn programma, de 10489, waarmee het mogelijk is om 20 CDE boosters aan te sluiten.
1 Na het aansluiten van deze converter op de boosters kan met de volgende stap worden begonnen.

Aansluiten van de wissel en sein decoders.

De interne booster van de Z21 wordt gebruikt voor het aansturen van de wissel- en seindecoders.
Zo was het voorheen ook aangesloten bij de IB.
De Etecmo boosters worden gebruikt om de baan te voeden en blijft onveranderd.
De MM decoders van Viessmann zijn naast het digitale signaal ook aangesloten op een aparte voeding t.b.v. het omzetten van de wissels en seinen.
Wat betreft de aansluiting met de boosteruitgang van de IB was dit in de gezamenlijke massa aansluiting geen probleem.
Echter met de boosteruitgang van de Z21 kan er geen gebruik worden gemaakt van een gezamenlijke massa.
Hiervoor moest en er een aanpassing in de bedrading worden gemaakt.
Voor deze decoders is de voedingslijn afgekoppeld van de externe voeding en verbonden met de booster uitgang.
Hierdoor wordt de booster wel zwaarder belast, maar is het vermogen van de booster meer dan voldoende om de de wissels en seinen te schakelen.
Wel is de voeding van de seinen omgezet naar een externe voedingslijn en is de massa hiervan losgekoppeld en separaat aangesloten.
Dit was nodig, omdat enkele Viessmann seinen van het martix type zijn.
Deze kunnen alleen gevoed worden met een gelijkspanning.
Gezien er al een voedingslijn (gelijkspanning) aanwezig was voor de de servo's, was het omzetten hiervan niet heel erg ingrijpend.

Aansluiten van de terugmelders.

De laatste hindernis om tot een definitieve inzet te komen van de Z21 is het aansluiten van de terugmelders.
1 Alle gebruikte terugmelder werken met het S88N systeem en waren direct aangesloten op de IB centrale.
De Z21 beschikt echter niet over een S88 aansluiting maar wel over een LocoNet aansluiting.
Door een converter te gebruiken die LocoNet omzet naar S88, kunnen de S88 terugmelders gewoon gebruikt blijven worden.
Om de S88 terugmelders correct te laten werken moet deze converter wel eerste geconfigureerd worden.
Als eerste moet hij zodanig ingesteld worden dat hij moet beginnen bij het 1e contact en ten tweede moet hij weten hoeveel contacten er ingelezen moeten worden.
Dit gaat echter zeer eenvoudig en snel.
Op de converter zit een druktoets. Door deze in te drukken komt de converter in een programmeermodes.
De led knippert nu sneller dan voorheen. Door nu een wisselcommando voor een specifieke wissel in te geven, wordt het 1e in te lezen contact vast gelegd.
In mijn geval geeft ik wissel 1 een commando, welk commando is niet van belang.
Nu knippert de led nog sneller en moet het bereik opgegeven worden, eveneens door een wisselcommando.
Aangezien er 8 modules zijn aangesloten selecteer ik nu wissel 128 (8 x 16) en geef een wissel commando.
Nu is ook bekend hoeveel contacten er moeten worden ingelezen en is de converter geprogrammeerd.
De LED knippert nu weer in een normaal tempo (ca 1 x per seconde).
Om te controleren of het allemaal werkt wordt met behulp van koploper gecontroleerd of alle contacten weer naar behoren functioneren.
Na deze controle is de Z21 volledig te gebruiken zoals we voorheen met de IB gewend waren.
Als extra zijn alle busboxen aangesloten op de de XpressNet aansluiting zodat ook de multimuizen gebruikt kunnen worden.


Keuze rail materiaal

Na de grove schetsen van het banenplan moest er een keuze gemaakt worden voor het railmateriaal. Een van de belangrijkste afweging was het beschikbare ......

Besturing

Er zijn verschillende software pakketen die een geautomatiseerde treinloop mogelijk maken. Sommige zijn zeer beperkt, de andere heeft zeer uitgebreide mogelijkeheden .....

Terug




Naar home page .....

" Als je de sporen volgt, kom je vanzelf op het eindstation. "