Faller Car

Tijdens de bouw van de baan is besloten om de modelbaan ook te voorzien van een Faller Car systeem.
Het systeem is gebaseerd op een stalen geleidedraad in het wegdek die door een magneet gevolgd kan worden.
Mogelijk dat in de (vere)toekomst ook digitaal bestuurd gaat worden, maar voorlopig zal dit nog niet gebeuren.
Het kan zijn dat straks allerlei wegen weer opgebroken moeten worden t.b.v. de digitalisering, maar dat nemen we dan maar voor lief.
Hebben tenslotte voor hetere vuren gestaan.



Gezien de grote van dit hoofdstuk is er een keuze menu gemaakt wat het zoeken wat makkelijk maakt.


Keuze menu:

De rijdraad en de lus voor de Faller Car baan.
Het aanbrengen van de magneetband.
Uitvoering van het eerste deel van de Faller baan.
Wissel voor de Faller baan.
Plaatsing servo.
Plaatsing stop magneet.
Zo te zien werkt het ..........(filmpje)
De afbouw van de Faller Car keerlus.
De zelfbouw Faller Car wissel verbeterd.
Doortrekken van de Faller Car baan.
De Faller Car baan verlaat het station.




De rijdraad en de lus voor de Faller Car baan.

Zoals je onder het hoofdstuk "Scenery, talud bouw" hebt kunnen lezen, hebben we het talud langs het industrie terrein gebouwd, is de berg in de hoek afgemaakt en kunnen nu verder met het talud achter de toekomstige plaats van de loc loodsen.
Tevens is dit ook het gedeelte waar de sporen van en naar het station liggen en waar ook de lus van de Faller Car baan komt te liggen.
Voordat we dit talud met de tunnelportalen voor de sporen kunnen maken, moet eerst een stuk Faller baan gebouwd worden om verder te kunnen.
Deze ligt namelijk op een plek waar we later niet meer zo goed bij kunnen.
De lus voor de Faller auto’s wordt namelijk verborgen onder een hoek van de parade baan en moet dus zeer betrouwbaar functioneren.
Na veel vijven en zessen hebben we een geslaagde methode gevonden om de Faller autobaan te kunnen realiseren, waarbij het ook nog eens betrouwbaar functioneert.
Van origine maakt het Faller Car systeem gebruik van een stalen draad in het wegdek.
Aangezien er geen gebruik wordt gemaakt van standaard Faller baanstukken is er gezocht naar een zelfbouw methode.
De eerste methode die gebruikt was bestond uit het uitfrezen van een sleuf in een plaat triplex om daarin de stalen rijdraad te plaatsen en vervolgens het wegdek aan te smeren met een dunne laag gips.
Deze methode lijkt leuk en effectief, maar werkt niet altijd even betrouwbaar.
Tijdens proeven die hiermee genomen zijn, bleken verschillende voertuigen hier toch dusdanige problemen mee te hebben, dat er geen garantie was dat de voertuigen ook de draad bleven volgen.
Een kleine oneffenheid, een iets te hoog geplaatste staaldraad of een iets te dikke laag gips was voldoende om het voertuig een verkeerde kant op te sturen .
Dit had natuurlijk het gevolg dat de voertuigen letterlijk en figuurlijk de weg kwijt waren.
Daarnaast bleek dat het gips bij een dunnen laag snel af brokkelt en is moeilijk glad en egaal te krijgen.
Gezien de plek waar dit geplaatst moet worden, is het later, na de afwerking van de scenery, moeilijk bereikbaar en is er naar een betere, en vooral betrouwbare, oplossing gezocht.
1 3
















De oplossing is gevonden door het plaatsen van een magneetband strip in het wegdek, maar hierover later meer.
Het enige grote verschil is dat de sleuf wat breder en dieper moet zijn dan bij het gebruik van de staaldraad.
De sleuf is zo diep gemaakt, dat de bovenkant van de magneetstrip gelijk zit met het bovenkant van het triplex.
Als wegdek is er voor gekozen om karton (300 grams) te gebruiken, wat nog een bijkomend voordeel heeft, dat het wegdek al een redelijk echte asfalt kleur heeft.
Bij proeven is het karton tijdelijk even vast gezet met hier en daar een punaise.
De proeven toonde al aan dat dit systeem veel beter werkte.
In de eerste poging om het karton definitief vast te zetten is het karton vastgelijmd, maar dit bleek nogal wat nadelen te hebben.
Door het gebruik van lijm ging het karton vaak bol staan of werd ribbelig (het blijft tenslotte papier).
Eerst nog hoop gehad dat dit wel weg zou trekken (zoals bij behang), maar niets bleek minder waar.
Uiteindelijk besloten om het karton vast te zetten met dunne dubbelzijdige tape.
Dit blijkt eenvoudig en makkelijk te werken en heeft tot op heden totaal geen problemen gegeven.

Keer terug naar menu.


Het aanbrengen van de magneetband.

Voor het uitfrezen van de sleuf, kun je gebruik maken van een boven frees met de juiste diameter.
Je moet dan wel de beschikking hebben over een boven frees machine en kan soms moeilijk zijn op slecht bereikbare plaatsen.
Ook zijn er bovenfreesjes voor op de Dremel verkrijgbaar die speciaal voor dit doel zijn gemaakt.
We hebben echter een goedkopere methode gevonden die, na wat oefening, net zo goed werkt.
Door een aantal sluipschijfjes op elkaar te monteren kun je ook een sleuf uitfrezen.
19
Het aantal schijfjes bepalen de uiteindelijk breedte van de sleuf en dit aantal hangt natuurlijk af van de dikte van één schijf.
Hoe dunner de schijf, hoe meer schijfjes je nodig hebt om de uiteindelijke breedte te halen. In mijn geval waren er 3 nodig.
Met enige oefening kun je de sleuf de juiste diepte geven.
Er kunnen wat oneffenheid ontstaan, maar in de praktijk is gebleken dat dit geen negatieve invloed heeft op het uiteindelijke resultaat, mits de magneetstrip maar onder het oppervlak van de triplex plaat blijft.
Bij het maken van bochten blijkt deze methode ook prima te werken.
Het feit dat de sleuf dan een beetje breder wordt heeft totaal geen negatief effect op de (ver)werking.





Voordat de magneetstrip geplaatst wordt is het belangrijk om te controleren welke zijde naar boven gericht moet zijn (noord en zuid pool).
Door de magneetarm van de stuurinrichting van de Faller auto boven de strip te houden, kun je zien of je de juiste zijde hebt.
Wordt de arm aangetrokken naar het midden van de strip, dan heb je de juiste kant naar boven.
Indien de arm weggeduwd of naar de zijkant van de strip wordt getrokken, moet je de strip omdraaien.
Overigens bleek bij mij dat er een tweetal van deze magneet armen op deze testmethode hierop verkeerd reageerde.
De magneet was blijkbaar verkeerd om geplaatst.
Vermoedelijk zijn deze magneten in het verleden door mijzelf een keer opnieuw vast gelijmd en bij een staaldraad is de richting van de magneet niet belangrijk.
Echter met een magneetstrip hebben we te maken met twee magneten die elkaar moeten aantrekken en is de plaatsingsrichting wel belangrijk.

De magneet strippen zijn op rol te koop en zijn o.a. te koop bij Conrad en CarParts.
Doorgaans is één zijde voorzien van een plakstrip, hetgeen niet alleen het aanbrengen een stuk eenvoudiger maakt, maar tevens ook de juiste kant van de magneetstrip aangeeft.
De plakstripzijde moet dan naar onderen geplaatst worden. De controle is in mijn geval in ieder geval niet overbodig gebleken.

Keer terug naar menu.


Uitvoering van het eerste deel van de Faller baan.

Het eerste deel van de Faller baan is dus het verdekte gedeelte, dat zich aan het uiteinde van het grote station bevindt.
De voertuigen verwijnen hier in een tunnel en komen na gekeerd te hebben aan de andere zijde van de weg weer uit.
Het is dus een soort keerlus voor het autoverkeer.
Zoals al eerder is beschreven moet dit betrouwbaar functioneren voordat de boel definitief wordt dicht gebouwd.
Hier onder een foto hoe dit is gerealiseerd.
20 4
















Om het wegdek aan te brengen is er gebruik gemaakt van grijs karton (300 grams)en is vastgezet met dubbelzijdige tape.
Op bovenstaande foto is duidelijk te zien hoe deze zijn aangebracht.
Voordat het karton wordt aangebracht moet je dit natuurlijk wel van te voren op maat maken, anders wordt het aanbrengen een drama.
Ook doe je er verstandig aan om vóór het definitief aanbrengen, eerst wat markeerpunt aan te brengen, zodat dit bij het plaatsen duidelijk is.
Bij het aanbrengen van het karton wordt deze eerste op zijn plaats gelegd en vervolgens wordt telkens een strook dubbelzijdige tape ontdaan van de bovenste beschermlaag.
Strijk bij het aanbrengen naar 1 kant om plooien te minimaliseren.

Keer terug naar menu.



Wissel voor de Faller baan.

In het gedeelte dat tussen het station en de "keerlus" in zit, is een bushalte gepland en moet er een wissel in het wegdek worden gebouwd om van richting te kunnen veranderen.
Nu zijn er verschillende soorten wissels voor de Faller baan te koop, maar het nadeel van deze standaard types vind ik de abrupte afbuiging waarmee de voertuigen de afslag nemen.
Om deze rede is de wissel maar zelf gebouwd.
Om een mooie afbuiging te kunnen realiseren heb je lengte en een beperkte uitslag nodig en als het even kan moet de te volgen route ligt "buigen".
Nu is het buigen van een magneetstrip wat moeilijk leek mij, dus is er gekozen voor een rijdraad van metaal.
Eventueel kan deze dubbel worden uitgevoerd om er zeker van te zijn dat het voertuig de afbuiging goed kan volgen.
In mijn geval bleek dat hier niet nodig te zijn.
Het omzetten wordt verzorgd door een servo die straks niet alleen met hand is te bedienen, maar ook met DCC aangestuurd kan worden.
Om de voertuigen (de bus in dit geval) te kunnen laten stoppen, is er bij de stopplaats een elektromagneet onder het wegdek geplaatst.
Standaard worden de voertuigen van Faller aan de onderzijde voorzien van een reedcontact, die door een elektromagneet kan worden bediend om zo de motorstroom te onderbreken waardoor het voertuig stopt.

De bouw.

De bouw is eigenlijk heel simpel van opzet en eenvoudig uit te voeren.
Door zijn eenvoud is de wissel eigenlijk ook heel betrouwbaar, omdat er weinig fout kan gaan.
Daarnaast is er gekozen voor een servo aandrijving, omdat over het algemeen de servo aandrijving zeer betrouwbaar en ongevoelig voor vuil is.

Als eerste wordt de route afgetekend zoals de voertuigen moeten gaan rijden, doe dit voor zowel de rechtdoor- als de afbuigstand.
Frees nu eerst de baan uit voor de magneet strip voor de rechtdoor en afbuig situatie.
Zorg er hierbij voor dat de afbuigende lijn vloeiend verloopt.
7 Om te beginen moet voor het bewegende deel een driehoek worden uitgefreesd, die een iets grotere diepte heeft dan een rijdraad.
De uitgefreesde driehoek (lengte en hoogte) bepalen in grote mate hoe het voertuig straks de afslag zal nemen.
Hoe groter de lengte, hoe geleidelijker de afbuiging. De hoogte van de driehoek wordt grotendeels bepaald door de uitslag die de servo kan maken.
Iets voor het knikpunt, dus nog voor het begin van de wissel, wordt een klein gaatje geboord met een diameter die even groot is als de rijdraad.
De foto laat goed zien wat de bedoeling is.

Aan het uiteinde van de driehoek wordt een sleuf uitgefreesd die door de plaat heen gaat en minimaal de lengte heeft van de uitslag van de rijdraad.
Voordat de rijdraad wordt gebogen en geplaatst, wordt er op de bodem van de driehoek een stukje gladde folie aangebracht om te voorkomen dat de rijdraad tijdens het omzetten kan blijven haken achter de oneffenheden in het triplex.


5 In mijn geval is de folie vast gezet met een stukje dubbelzijdige tape, maar kan eventueel ook verlijmd worden.
Vervolgens buigen we de rijdraad zodanig in een U vorm, dat deze door door de sleuf en het gat aan het begin van de wissel kan.
Zorg er hierbij voor dat de draad soepel kan bewegen en niet blijft haken in de sleuf.
Buig nu de rijdraad die door het klein gaatje gaat aan de onderzijde haaks om in de lengte richting van de magneetstripsleuf.
Breng vervolgens de magneetstrippen aan in de reeds uitgefreesde sleuven voor de magneetstrip.
De magneetstrippen moeten aansluiten op het draaipunt en het uiteinde van het beweegbare deel.
Probeer hierbij de speling tussen magneetstrip en rijdraad zo klein mogelijk te houden.
Als de rijdraad juist gemonteerd zit en soepel kan bewegen kan de aandrijving, in mijn geval een servo, gemonteerd worden.

Keer terug naar menu.



Plaatsing servo.

Omdat het wegdek van 4 mm dik triplex is gemaakt, kan de servo niet direct op de plaat gemonteerd worden.
Hiertoe wordt op de servo eerst een houten klosje van 25x35x10mm geschroefd.
Vervolgens kan de servo met het houten klosje op de triplex plaat worden gelijmd en wel zodanig, dat het uiteinde van de rijdraad door de arm van de servo volledig door de sleuf kan bewegen.
Bij het plaatsen moet je er rekening mee houden, dat indien de servo arm in het midden staat, deze ook in het midden van de sleuf moet zitten.
Zo is de uitslag naar beide zijde even groot.
Om de wissel betrouwbaar om te zetten, is het in dit geval nodig om de "pen" op twee plaatsen in de arm te borgen.
Daarom worden in de arm van de servo eerst twee kleine oogjes van draad gemaakt, waar later de draad van de wissel doorheen kan worden gestoken.
De foto laat zien wat de bedoeling is.

11 Nu de wissel op zijn plaats zit, kan deze uitgetest worden.
Hiertoe worden de magneetstrippen en wissel afgedekt met één laag karton
Deze wordt tijdelijk vastgezet met een aantal punaises.
De uitslag kan worden gecontroleerd door de servo met de hand te verdraaien.
Indien nodig kan de draad nog worden bijgesteld.
Om te zien of de wissel goed werkt wordt eerst de wissel handmatig in de rechtdoor stand gezet.
Nu wordt er een Faller auto voor de wissel geplaatst en laten we hem over de wissel rijden.
Hetzelfde doen we als de wissel handmatig in de afbuigstand wordt gezet.
De slag (of hoek) die de arm van de servo moet maken om de wissel geheel om te zetten, kan straks eenvoudig met de servo decoder ingesteld worden.
Om straks de bus te kunnen laten stoppen, dient er nog een stopmagneet aangebracht te worden.

Keer terug naar menu.



Plaatsing stopmagneet.

f1 Om de bus te laten stoppen gebruiken we een elektromagneet.
Een geschikte elektromagneet wordt geleverd door o.a. Faller onder artikelnummer 161675, maar kan ook van een oud PTT relais gemaakt worden.
Aangezien ik nog een aantal originele stopmagneten had liggen van Faller, hen ik deze hiervoor gebruikt.
De stopmagneet moet aan de rechterzijde van de magneetband of rijdraad worden geplaatst.
10
Omdat het magnetisch veld dat wordt opgewekt door de elektromagneet niet zo heel groot hoeft te zijn, kan deze onder de plaat triplex worden geplaatst en is er ook weinig spanning nodig. Hierdoor is het verbruik natuurlijk ook erg laag en kan de elektromagneet ook permanent aan staan zonder dat deze heet wordt (verbrand).
De juiste positie bepalen wordt dan ook erg makkelijk door deze elektromagneet permanent onder spanning te zetten en deze op de plaats te houden waar we het voertuig willen laten stoppen.
Vervolgens laten we het voertuig erover heen rijden en kijken we of deze inderdaad op de juiste plek stopt.
Na het bepalen van de juiste positie tekenen we of waar deze moet komen.
Het vastzetten is gedaan door de beide uiteinde van de ijzere beugel vast te lijmen met het lijmpistool.

17
Natuurlijk gaan we de zaak eerst even testen voordat dit op de definitieve plaats komt te liggen.
Hiernaast nog even foto hoe het er uit ziet aan de onderzijde van de plaat triplex.

Voordat het op de definitieve plaats kan worden gemonteerd, moet de keerlus op zijn plaats worden gelegd en zullen er eerst nog gaten in de bodemplaat moeten worden gemaakt.
Deze gaten zijn bedoeld om de servomotor en stopmagneet te laten verdwijnen in de bodemplaat.
Hieronder een foto die de gaten laat zien in de bodemplaat.
16





Als dan de keerlus en de bushalte op zijn plaats liggen ziet het er zo uit.....

18










De twee delen liggen nog niet op een gelijke hoogte.
Bij de definitieve plaatsing worden deze twee delen op de onderplaat geschroefd.
Voor nu worden de delen tijdelijk even uitgelijnd.
Eerst maar eens even test rijden........

Keer terug naar menu.



Zo te zien werkt het .................



Na de diverse test ritten met verschillende voertuigen konden we verder met de bouw.
Voor de verdere afbouw van het talud moeten we eerst de tunnelportalen voor de FallerCar baan gaan maken.
Ook deze zijn weer op de bekende wijze gemaakt van Ytong blokken, zie tunnelbouw, alleen de vorm en grote is wat anders dan bij de portalen voor het spoor.
Één van de tunnelportalen moest schuin gebouwd worden om het "verantwoord" en logisch er uit te laten zien.
Deze tunnelportalen bestaan uit twee losse delen die in elkaar geschoven kunnen worden.
Dit was namelijk veel makkelijker te maken dan twee ingangen uit één stuk.
Als eerste is er van karton een bodemprofiel opgemaakt met de loop van het wegdek.
Hiermee is de breedte van het portaal bepaald.
Vervolgens is de hoogte gemeten die nodig is om alle voertuigen door de tunnel te laten gaan.
Hieruit is er een profiel van karton gemaakt om de doorgang van het portaal te bepalen en dit overgezet op het stuk Ytong blok.
Ook de vorm van de boven boog is anders gemaakt dan bij een spoortunnelportaal.
Deze is wat vlakker en loopt in de ronding minder door.
Daarnaast zijn kleinere stenen uitgesneden dan dat bij de spoortunnels is gebruikt.
Hierdoor krijgt deze tunnel ingang voor verkeer een heel ander uiterlijk dan bij het spoor is toegepast.
Hieronder wat foto's van de vorderingen van het geheel.
21 22
















23 24
















Tevens is ook het tunnelportaal van het spoor in dezelfde kleur meegenomen en is er boven op de tunnelportalen voor het verkeer een opbouw gemaakt die aansluit op het bovenliggende tracé.
Om het geheel af te maken zijn er ook achterwanden bij de tunnelportalen geplaatst.
25 26

















Als laatste toevoeging is alvast een deel van de belijning aangebracht op het wegdek.
Ook is er een begin gemaakt voor de halte die na het station is gepland.

De constructie van deze portalen is zo gemaakt, dat deze ook uitneembaar is in geval er een voertuig de weg kwijt is.
In dat geval kun je, na het wegnemen van de portalen, met de hand en arm bij de keerlus komen.
De enige voorziening die nog moet worden gemaakt is dat de voertuigen nooit buiten de keerlus kunnen komen.
Dit wordt gerealiseerd door er een strook "architecten karton" van ca 2,5 cm langs op te plakken.
Daarmee voorkom je op eenvoudige wijze dat de voertuigen buiten het parcours kunnen raken en altijd zijn "terug te vinden".

Keer terug naar menu.



De afbouw van de FallerCar keerlus.

Voor de verdere afbouw van het talud bij de toekomstige locloods en de keerlus voor de FallerCar baan is het aanbrengen van de bovenleiding bij het tunnelportaal van het spoor noodzakelijk.
Aangezien er in de tunnels geen bovenleiding wordt aangelegd, is het noodzakelijk dat de pantografen worden opgevangen voordat deze de tunnel verlaten.
1 2
















Bij het inrijden van de tunnel wordt de pantograaf na een ca 10 cm op een nette manier "losgelaten" van de bovenleiding.
In de tunnels is er rekening mee gehouden dat de pantografen in de hoogste stand altijd vrije doorgang hebben.
Voor het oog lijkt het alsof de bovenleiding in de tunnels doorloopt, maar is dus niet het geval.
Al eerder is beschreven hoe dit eenvoudig is op te lossen, zie hiervoor tunnelbouw museumspoorlijn.
Bij deze is het echter nog iets ingewikkelder omdat er bij het in en uitrijden van de tunnel nog een overloop van buiten naar het binnenspoor is geplaatst.
Deze overloop ligt deels in de tunnel, waardoor er een extra rijdraad moet worden aangebracht, wat de constructie wat moeilijker maakt.
Doordat er weinig zicht is op de constructie die in de tunnel wordt geplaatst, moet er wat meer op gevoel worden gewerkt dan normaal.
Achteraf had dit beter van te voren gerealiseerd moeten worden.
Aan de andere kant is het natuurlijk een extra uitdaging om dit voor elkaar te krijgen.
De klus was dan ook niet in één avond geklaard en het koste nogal wat moeite om het goed voor elkaar te krijgen.
Het grootste probleem was de bereikbaarheid om de bovenleiding in de tunnel te solderen.
3 4

















Hoe is het gedaan...

Vlak voor het tunnelportaal zijn er twee masten geplaatst, één voor de buitenspoor en één voor de binnenspoor.
De opvolgende mast voor het buitenspoor is aan het begin van meegebogen wissel van de overloop geplaatst.
Bij het binnespoor staat deze aan het einde van de uitrijwissel van het station.
De masten zijn zo geplaatst, dat de rijdraden binnen de maximale uitwijking van de pantograaf blijven.
De rijdraad die vanaf de mast voor het tunnelportaal de tunnel in loopt, hangt nog voor ongeveer 8cm nog op gelijke hoogte en loopt dan de laatste 8cm langzaam naar boven, zodat de pathograaf rustig opgevangen of losgelaten kan worden.
Voor het binnenspoor is dit op dezelfde manier gedaan.
Voor de bevestiging van deze draden is gebruik gemaakt van een stuk gestripte VD draad van 2,5mm en is in een L vorm gebogen.
Deze "L" wordt als het ware onderste boven geplaatst waarbij het verticale been aan de zijde van de binnenspoor staat.
Aan het andere uiteinde van de "L" (horizontale deel) is een oog gebogen zodat deze in de bovenplaat kan worden vastgeschroefd.
De hoogte is ruim voldoende om de patograven vrije doorgang te geven.
Aan deze VD draad zijn de uiteinde van de rijdraden gesoldeerd.
Om te voorkomen dat de VD draad mee buigt als gevolg van de trekkracht van de draden, wordt er bij het verticale been een klein schroef aan de zijde van de tunnelportaal geplaatst
Voor de overloop wissels is de rijdraad aan het buitenspoor geplaatste mast gemaakt en loopt deels parallel met de reeds aangebrachte rijdraad.

In het hart van het afbuigende spoor wordt deze draad met een kleine knik omgebogen zodat deze de route van de overloop verder volgt.
Ook deze draad blijft de eerste ca 8cm op gelijke hoogte om vervolgens de laatste 8cm naar boven af te buigen.
Ook dit uiteinde wordt aan de VD draad gesoldeerd.
7 9

















Om meer stabiliteit te hebben in de bovenleiding die in de overloop zit, zijn er twee korte verbindingsdraden aangebracht tussen de rijdraad van het buitenspoor en de rijdraad boven de overloop.
Dit wordt weliswaar nooit in werkelijkheid gedaan, maar is gewoon een creatieve oplossing om te voorkomen dat de pantografen kunnen vastlopen in de bovenleiding.
Overigens is de draaddikte ook niet op schaal.
Als je dit wel wilt doen betekend dit dat er (voor H0) een draaddikte van 0,13mm tot 0,27mm (afhankelijk van het land) gebruikt moet worden.
Hier kan een modelpantograaf nooit tegen aan lopen omdat de veerdruk dusdanig hoog is, dat de rijdraden van de bovenleiding compleet naar boven worden gedrukt.
12 13



















Keer terug naar menu.



De zelfbouw Faller Car wissel verbeterd.

Hoewel de reeds gemaakte zelfbouw wissel voor het Faller Car systeem goed functioneerde, is gebleken dat vooral de wat kleinere en lichte voertuigen nogal eens de weg kwijt raakte.
Nadat de zaak wat nauwkeuriger was bekeken, bleek dit vooral te gebeuren op het moment dat de magneet van de stuurinrichting op de overgang van de magneetband naar de draad van de wissel heen ging.
Door een kleine oneffenheid kan de richting van het voertuig dan iets afwijken hetgeen regelmatig resulteerde in het kwijtraken van de draad.
Ook zijn dit soort voertuigen vaak uitgerust met een kleinere magneet waar door er wat minder “grip” is op de geleider draad.
Rede om te zoeken naar een oplossing waarbij ook de kleine voertuigen de route kunnen blijven volgen.
En dat is gelukt.
Voorheen dacht ik altijd dat de magneetband moeilijk was te “verbuigen”, maar door de lengte van de wissel bleek dit heel erg mee te vallen.
Door de draad te vervangen door een stuk magneetband, kan de magneet van de stuurinrichting de “route” veel beter volgen.
Het enige probleem was hoe bevestig ik de magneet band aan de servo arm.
Na wat experimenten bleek dat de oplossing eigenlijk heel simpel is.
Gewoon een gaatje in de magneetband maken met een diameter die gelijk is aan die van de draaddikte.
Hierdoor steek je gewoon de pen van de aandrijving.
Wat ook anders gerealiseerd moest worden, was dat de beweging van de pen op gelijke hoogte moest blijven bij het omzetten van de wissel.
De magneetband is niet zo dik, dus kan de pen makkelijk uit het gaatje "vallen".
De truc die we hebben toegepast lijkt een beetje op de servo aandrijving die bij het museumspoor is toegepast.
Door de servo in een andere positie te monteren en de “aandrijfstang” in de horizontale beweging te ondersteunen kon dit vrij eenvoudig worden gerealiseerd.
De servo moet nu niet "staand" maar "plat" gemonteerd worden.
Als eerste is de servo gedemonteerd en wordt het bestaande montage blokje verwijderd.
Het blokje wordt ontdaan van oude lijm resten en kan weer hergebruikt worden door deze rechtop te lijmen op de onderplaat.

11 27
















De ondersteuning bestaat hier niet uit een buisje, maar uit een kleine lus, waar de horizontale stang doorheen loopt.
Tevens geeft dit de drijfstang een beetje spelling in horizontale richting.
Dit laatste was weer nodig omdat de servo arm een ronde beweging maakt.
Door een buis ontstaat juist een starre beweging, die in dit geval de nodige belemmering veroorzaakt in de beweging.
Om de lus te maken is gebruik gemaakt van hetzelfde draad als die van de aandrijfstang en is niets anders dan een stukje ijzerdraad wat in een U vorm is gebogen.

33 36
















Ik heb draad gebruikt zoals dat gebruikt wordt om planten op te binden, echter niet de geplastificeerde maar verzinkte uitvoering.
Om de draad mooi recht en wat steviger te krijgen, kun je deze even met de boormachine spannen.
Ook de aandrijfstang krijgt nu een andere vorm.
Om de geleiderlus te plaatsen, is er een klein blokje hout gebruikt dat voorzien is van twee klein gaatjes die net iets kleiner zijn dan de doorsnede van de draad.
Dit blokje wordt geplaatst aan het einde van de sleuf waarin de aandrijfstang moet gaan bewegen.
Doordat de gaatjes net iets kleiner zijn, wordt de lus goed geklemd in het hout.
Eventueel kun je deze vastzetten met een druppel (hout)lijm.

32 34
















Door de lus wordt later de aandrijfstang geplaatst.
De aandrijfstang heeft aan het uiteinde een lus die gelijk of groter moet zijn dan de horizontale beweging die de stang minimaal moet kunnen maken.
Gezien de sleuf iets langer is dan nodig is heb ik deze lengte aangehouden.

Vervolgens wordt de servo geplaatst.
Alvorens de aandrijfstang te monteren wordt eerst de servo opnieuw ingesteld om de juiste uitslag van de arm te krijgen.
Tevens is de servo arm wat aangepast, de onnodige (en ongebruikte) armen zijn verwijderd.
Nu kan de aandrijfstang worden geplaatst.
Na het plaatsen van de aandrijfstang wordt de servo even kort getest om na te gaan of de uitslag voldoende/onvoldoende is en zo nodig even bijgesteld.

39 40
















Indien dit goed is kan de magneetstrip worden aangebracht.
De totale lengte van deze strip loop van het begin van onderplaat tot aan het einde van de afbuigende sectie, in mijn geval ongeveer 12 cm.
De strip voor het vast deel van de afbuigende route en de rechtdoor route blijven hiervoor ongewijzigd.
De overgang tussen het buigbare deel en het vaste deel bedraagt minder dan 1 mm.
In het buigbare deel wordt een klein gaatje geboord zodat de aandrijfstang hier net doorheen kan, in mijn geval 0,6mm.
Het uiteinde van de aandrijfstang, dus het deel wat door de magneetstrip steekt, is lang genoeg en kan laten op lengte gemaakt worden.

41 42
















De folie die gebruikt is bij de vorige uitvoering met stang aandrijving, is blijven zitten.
Ook de beschermfolie aan de plak zijde van de magneetstrip laten we bij het buigzame deel zitten.
Voor het vaste deel wordt deze wel verwijderd om deze in de sleuf te kunnen plakken.
Tijd om even de wissel te testen.

Als alles goed is kan het deel van de aandrijfstang wat door de magneetstrip steek worden afgeknipt en kan het wegdek (gewoon karton) weer worden aangebracht.
Na het aanbrengen natuurlijk even live getest.


Als laatste is het deel weer terug geplaatst in de baan.
Weer een hele klus, maar nu werkt het feilloos voor zowel grote als kleine voertuigen.


Keer terug naar menu.



Doortrekken van de Faller Car baan.

De volgende stap was het doortrekken van de Faller Car baan.
Dit is het deel wat na de spoorbrug richting helix komt te liggen.
Oorspronkelijk bestond het plan om deze weg vanaf de brug te laten afbuigen en onder de parade baan enigszins te laten stijgen.
Vervolgens zou de weg weer naar buiten komen en vlak voor het tunnelportaal van het spoor via een brug het spoor te laten oversteken.
Dit plan bleek echter moeilijk te realiseren te zijn.
Met name de hoogte van de voertuigen bleek een bottleneck te zijn.
Nu is er besloten om de FallerCar baan achter het station door te leggen en de naast het tunnelportaal van het spoor een in/uitgang voor de FallerCar baan te maken.
Om dit te kunnen realiseren moest de bovenplaat van de helix tijdelijk worden weggenomen en moest er naast het spoor van de helix ruimte gemaakt worden voor een weg doorgang.
13 14


















Om deze ruimte te maken, is het nodig dat het spoor ca 5 cm wordt verlegd.
Hierdoor veranderd de ingang naar de helix, maar levert geen noemenswaardige problemen op.
Alleen de opvang voor de bovenleiding moet wat aangepast worden.
Na deze aanpassing is er ruimte genoeg voor een tweebaans wegdek voor de FallerCar baan.
Achter het station is het een recht stuk baan en is relatief eenvoudig te maken.
Het probleem is echter dat de trap partij aan de achterzijde van het stationsgebouw voor een goede doorgang van de Faller auto's net iets te ver uitsteekt.
Hiervoor is er een gedeelte van de trap in het middendeel weggezaagd.
proxxon
Zoals je wellicht eerder hebt gelezen, is de onderbouw van de Faller Car baan gemaakt op triplex plaat en wordt er voor de magneetstrip een sleuf in de plaat gevreesd.
Voorheen heb je ook kunnen lezen dat deze sleuf werd gemaakt met een aantal slijp schijfjes die op elkaar waren gemonteerd.
Omdat er nog het nodige gefreesd moet worden is er een stukje gereedschap aangeschaft van Proxxon.
Deze maakt het mogelijk om van een gewone handboor van Proxxon een bovenfrees te maken.
Ook wordt hierbij een handige geleider geleverd zodat de sleuven mooi recht en parallel aan de zijkant uitgefreesd kunnen worden.
De instelling voor de diepte kan worden vast gezet en hoeft maar één maal ingesteld te worden.
Na het instellen van 1,5 mm diepte moet alleen de afstand van de geleider van de rand tot het hart van de sleuf nog ingesteld worden.
Gezien de weg achter het station mooi recht loopt, was dit het uitgelezen moment om deze tool eens te gaan gebruiken, en met een mooi resultaat.
Doordat de rand van de plaat mooi recht loop, was het een koud kunstje om met behulp van de geleider een strakke sleuf voor de magneetband uit te frezen.
Bij bochten werk is na het aftekenen van het "magneetspoor" de sleuf ook met een vrees aan te brengen zonder geleider.
Dit vereist echter wel een vaste hand met deze tool.

52 53


















De bocht die na dit rechte stuk komt is op deze manier uitgefreesd.
Echter met dien verstande dat de magneetstrip voor de binnen bocht iets meer naar het midden ligt en voor de buiten bocht iets meer naar buiten.
Dit in verband met het overhangen bij aanhangers en lange voertuigen in bochten.
De hart-hart afstand van de magneetstrip is ongeveer 40mm, hetgeen ruim voldoende is om de voertuigen te laten passeren.
Het wegdek is in totaal zo'n 95mm breed en bied voldoende speelruimte om dit te kunnen realiseren.

Nadat de sleuven waren uitgefreesd, is de magneetband aangebracht.
De magneetband past precies in de uitgefreesde sleuf en komt op gelijke hoogte van triplex te liggen.
Om de magneetstip vast te zetten, is er wat onverdunde houtlijm gebruikt, maar er zijn ook magneetstrips die zijn voorzien van een dubbelzijdig plakstrook.
Hierbij moet je er wel op letten dat de ondergrond stof en vetvrij moet zijn voor een goede hechting.
Vervolgens zijn er stroken dubbelzijdig kleefband aangebracht op de triplex plaat voor het aanbrengen van het wegdek.
Het uiteindelijke wegdek is uit grote vellen grijs karton gesneden (voor de rechte stukken) of geknipt (bij het bochtenwerk).
Nadat het wegdek mooi op maat was gemaakt is de bovenlaag van het dubbelzijdige kleefband verwijderd en is het wegdek aangebracht.
Om te testen of alles goed zat is het station weer op zijn plaats gezet en is er proef gereden....



En zoals je ziet in het filmpje rijdt het uitstekend.



Keer terug naar menu.


De Faller Car baan verlaat het station.


Nadat het stuk achter het station en toegangsweg talloze malen was getest en alles goed blijk te rijden, kan begonnen worden met het vervolg van de baan.
De weg vervolgt zich en zal het spoor moeten oversteken.
Dit kan op twee manieren plaatsvinden:

1 - met een brug.
2 - met een overweg.

De uitvoering met een brug is technisch niet mogelijk omdat het te winnen hoogteverschil dusdanig is dat dit op de afstand van ongeveer 40 cm niet uitvoerbaar is.
Er zou dan een helling van ongeveer 25% gebouwd moeten worden (stijging van 10 cm over 40cm). Blijft dus alleen de overweg als optie over.
Hoe dit verder tot stand is gekomen kun je lezen in de rubriek overweg bouw onder het tabblad "Scnery".

044


















Keer terug naar menu.

Wordt vervolgd....


Tunnelbouw

Tunnels kunnen op een modelbaan naar zuid Duits/Zwitsers en Oostenrijks voorbeeld niet ontbreken. Alle tunnelportalen en binnenwanden zijn geheel zelf ......

Bruggenbouw

In de modelbaan liggen een drietal bruggen. De brug die geplaatst is tussen de twee benen van de U is volledig zelfbouw. Verder zijn er nog twee dubbelspoors.....

Terug

Naar projecten of home page..


" Als je de sporen volgt, kom je vanzelf op het eindstation. "